Onmisbaar in uw beplantingsplan: Varens
In de serie over onmisbare planten voor uw beplantingsplan beschrijven we dit keer varens.
Veel varens zijn prachtige planten met decoratief blad, sommigen zijn zelfs wintergroen. Bovendien zijn de meeste varens erg sterk en groeien ze goed in de schaduw, op plekken waar weinig andere planten het goed doen. Onder bomen en struiken, op moeilijke plekken aan de noordkant van een muur. Varens vormen dan ook een onmisbare groep planten voor een uitgebalanceerde schaduwbeplanting. Samen met andere schaduwplanten en vroege bolletjes kan een boeiende beplanting ontstaan die jaarrond aantrekkelijk is.
Als ik varens als tuinplant opper, dan krijg ik nog wel eens verbaasde blikken. ‘Zijn dat geen woekerende planten?’ Dat is een misverstand, die volledig aan één varensoort te wijten is; de struisvaren (Mattheucia struthiopteris). Binnen een paar jaar kan deze varen met ondergrondse worteluitlopers vele meters verwijderd van de oorspronkelijke plantplaats opduiken. Daarnaast heeft de struisvaren, ook wel bekervaren genoemd, de neiging om te vroeg te pieken. Op moment van uitlopen is het een schitterende plant, maar al vroeg in de zomer beginnen de veren (bladeren) te verdrogen. Op vochtige grond blijven de bladeren langer mooi, maar in de gemiddelde tuingrond begint in juni de aftakeling.
Hoog tijd om andere, meer geschikte kandidaten voor de tuin te noemen. Onze top 3.
3. Wijfjesvaren (Athyrium filix-femina). De wijfjesvaren is net zo sierlijk en frisgroen als de struisvaren, maar deze vormt mooie pollen en woekert dus niet. Het blad van de wijfjesvaren is sierlijk en fijn ingesneden. Dit soort is inheems in Nederland, je kunt hem (haar…) vinden in bossen en aan beek- en greppelkanten. De wijfjesvaren houdt van een licht vochtige grond, maar kan ook vrij veel droogte verdragen. Het mooist in grote groepen, of als solitaire plant tussen lagere schaduwplanten. Op den duur wordt de plant zo’n 40-70cm hoog en breed. Plant zo’n 5 stuks per vierkante meter.
2. Tongvaren (Asplenium scolopendrium)
De tongvaren is zo ongeveer de makkelijkst herkenbare tuinvaren. Het blad is namelijk niet ingesneden. Ook de tongvaren kan je in Nederland in het wild tegenkomen. Deze varen zaait zichzelf ook wel uit op oude muurtjes. In de tuin het mooist in groepjes tussen bodembedekkers, of in smalle randen langs muren en schuttingen. Het blad is wintergroen en wordt 20-40cm lang. Er bestaat ook een vorm met gerimpeld blad, maar ik vind dat niks toevoegen, eerder afbreuk doen aan de oorspronkelijke kwaliteiten van de tongvaren. Plant zo’n 7 stuks per vierkante meter.
1. Zachte naaldvaren (Polystichum setiferum)
Er zijn meerdere fraaie naaldvarensoorten, maar deze is toch wel de mooiste. De zachte naaldvaren is een prachtige plant, met sierlijke veren. In volle glorie kan de varen tot wel 80cm hoog en breed worden. De naaldvaren is wintergroen, kan goed tegen droogte en schaduw, maar groeit ook goed op een plek met meer zon. Eigenlijk zou in elke tuin zo’n wintergroen sieraad moeten staan. De gewone zachte naaldvaren heeft vrij grof, maar toch sierlijk blad. Er zijn verschillende waardevolle cultivars (varianten van de originele soort) die wat mij betreft nog mooier zijn dan de echte soort.
Polystichum setiferum ‘Herrenhausen’ is één van de beste. Het blad is verder ingesneden, wat de plant nog sierlijker maakt. De bladsteel is bruin geschubd. Verder groeit deze plant wat breder en platter uit. Misschien wel het mooiste is de Polystichum ‘Bevis’. Iets glanzend blad en een groene bladsteel, waardoor de plant fris oogt. Ook tot 80cm. Voor alle soorten geldt; 3 stuks per vierkante meter.
Worden deze soorten te groot voor uw tuin, denk dan ook eens aan de kleinere varens als dubbelloof (Blechnum spicant) of de venushaar (Adiantum pedatum). Zo is er voor elke tuin een geschikte varen te vinden.
Annemarie Apeldoorn

